“Een witte school zal nooit vanzelf gemengd worden”
“In Amsterdam fietsen autochtone leerlingen de zwarte school in de buurt voorbij. Zij rijden liever wat verder, richting een witte school in Zuid. Met name allochtone vmbo-leerlingen kiezen juist wel voor een school in de nabije omgeving.” Aan het woord is Lotje Cohen, onderzoeker bij de Dienst Onderzoek en Statistiek (O+S) van de gemeente Amsterdam.
Belang eigen etniciteit op school
Cohen, zelf ook docent op een school in Amsterdam Zuid, deed onderzoek naar segregatie en schoolkeuze in de stad. “Mensen vinden een school aantrekkelijk als er leerlingen van de ‘eigen etniciteit’ aanwezig zijn. Dat geldt zowel voor allochtone als autochtone leerlingen. Een witte school zal daardoor nooit vanzelf gemengd worden. Je zult als middelbare school actief contact moeten leggen met basisscholen om groepjes Antilianen, Surinamers of Marokkanen te trekken. Voor een allochtone havo-vwo-leerling wordt etniciteit overigens wel steeds minder belangrijk, maar de aanwezigheid van andere allochtonen in het algemeen blijft essentieel.”
Feitelijke aanmeldingen
Cohen koppelde de gegevens van 6.000 leerlingen - die de overgang maakten van de basisschool naar de middelbare school - aan alle mogelijke scholen waarvoor zij zouden kunnen kiezen. Daarbij hield zij rekening met de niveauadviezen van de basisscholen. Ook keek zij naar factoren als afstand, etnische samenstelling, kwaliteitsnormen en buurtkenmerken. Op basis van de aanmeldingen bekeek zij wat ouders en leerlingen feitelijk doen. Cohen vroeg hun niet naar de redenen van hun keuze. Uit eerder onderzoek waarin dat wel is gedaan, is gebleken dat allochtone ouders en leerlingen zich vooral laten informeren door kennissen. Autochtone ouders en leerlingen raadplegen meerdere informatiebronnen.Gymnasiast wil liever geen vmbo-leerling op school
De onderzoeker keek dus specifiek naar middelbare scholen waar leerlingen uiteindelijk na de basisschool terecht zijn gekomen. Dat is anders dan eerder onderzoek, dat zich doorgaans toespitst op redenen waarom mensen voor een school kiezen en wat zij daarbij belangrijk vinden. Cohen: “De feitelijke realiteit blijkt niet altijd overeen te komen met wat mensen zeggen. Leerlingen en ouders geven aan dat zij menging goed vinden, maar uiteindelijk kiezen zij vaak voor een witte of zwarte school. Ook geven mensen aan dat zij de aanwezigheid van meerdere niveaus belangrijk vinden, maar in de praktijk zitten gymnasiasten niet te wachten op vmbo-leerlingen op hun school. Havo-leerlingen willen wel graag een gymnasium op hun school, maar geen vmbo-t. Dat heeft waarschijnlijk te maken met status. Daardoor is het zeer ingewikkeld voor scholen om meerdere niveaus vast te houden. Dat is heel jammer, want juist de brede scholen met meerdere niveaus zijn makkelijker gemengd te maken. Als we in Amsterdam gemengde scholen willen hebben, dan zijn scholen van vmbo-t tot en met vwo heel belangrijk.”
Kwaliteitsaanpak nodig voor vmbo-scholen
Cohen geeft aan dat enkele vmbo-basis/ kader scholen (specifieke vakscholen, groenscholen, et cetera) witte scholen zijn of hooguit een beetje gemengd. Op de overige scholen op dit niveau in Amsterdam zitten veel allochtonen. “Sommige (grote) vmbo-scholen krijgen heel veel leerlingen die op een zwakke basisschool hebben gezeten. Dat levert een hele ingewikkelde positie op voor scholen die daardoor te maken krijgen met veel leerlingen met grote achterstanden”, aldus Cohen. Tegenwoordig hanteren verschillende zwakke basisscholen in Amsterdam de zogenaamde ‘kwaliteitsaanpak’. Dit houdt in dat er tijdens een 2 à 3 jarig traject veranderprocessen worden doorgevoerd. Denk daarbij aan opbrengstgericht werken, voortgang monitoren en verbeterplannen. “Een dergelijke aanpak zou er ook moeten komen voor de vmbo-scholen met veel leerlingen met een achterstand. Meer ondersteuning is nodig, de ouders zullen op die scholen niet gaan klagen over de kwaliteit van het onderwijs. Bovendien zijn er weinig gegevens bekend over het voortgezet onderwijs en hoe zij het precies doen. Er zijn cijfers op basis van resultaten van de onderwijsinspectie, maar wat is precies de instroom en de uitstroom? Wat is de kwaliteit van de docenten? Het zou goed zijn om daar beter zicht op te krijgen”, vindt Cohen. Zij besluit: ”Een schoolcarrière voor leerlingen zonder in contact te komen met mensen van een andere achtergrond moeten we zien te voorkomen.”
Bron: Simone Ketelaars, Nicis Institute